31 jan – 8 feb

Fran Van Coppenolle

Fran plooit, last, schuift, naait en verbindt van alles wat op het boerenerf voor handen is. Het gestreepte canvas van een luifel, een parasol ontdaan van zijn baleinen, feloranje plastic met geponste gaten, waar je gewoonlijk veilige zones mee afbakent, kunststof schelpen van een oude zandbak, piepschuim vormen die ooit iets verpakt hebben, betonijzers, draineerbuizen, nylon, gebogen latten, rekbare badstof, …

Het hangt daar allemaal zo speels samengedraaid in die veldschuur, ontzettend licht en schijnbaar logisch te wezen, fris geïncarneerd alsof een vorig leven er niet toe doet. Het is vergeefs zoeken naar een nut, al hebben ze er alle schijn van dat ze ergens voor bedacht zijn, door hun sierlijkheid en hun neiging tot symmetrie. Maar ze weigeren halsstarrig om ergens toe te dienen. Ze willen zelfs niet de belofte inhouden van varen of vliegen. 

Net zo min als haar ruimtelijk werk de pretentie had om zich de status van sculptuur aan te meten, lijken haar schilderijen écht veel zin te tonen om dat te zijn. Hoewel ze verrassend veel vaardigheid verraden en getuigen van een goeie ‘poot’, zoals schilders dat onder elkaar wel eens noemen, behouden ze iets heel terloops. 

Frederik Van Laere – fragment openingswoord

Foto’s Le regard d’édouard en Marthe Casteele

 

Fran Vancoppenolle expo bij Site 25 Ruddervoorde